| 115 | Flagellata (Flagellaten, Zweepdiertjes) (Mastigophora) |
Men denkt dat de eerste eencellige met complexe zweephaar of flagel bestond uit een eencellige met mitochondriën (Eubacterie) (ontstaan uit een eerdere endosymbiose) die een spiraalbacterie in zijn cel had opgenomen. De spiraalbacterie zou als een complexe - d.w.z uit 9+2 microdraden opgebouwde - zweephaar ofwel undulipodium uit de gastheercel hangen, waardoor voortbeweging mogelijk was. Eencelligen met zo'n undulipodium staan aan de basis van de ontwikkeling van alle andere eukaryoten ofwel één- of meercellige organismen met celkern. Daarom wordt een undulipodium ook wel 'eukaryotenzweephaar' of 'eukaryotenflagel' genoemd. Overigens wordt een prokaryoten- (= bacteriële) dan wel eukaryotenflagel ook wel als 'zweepstaart' aangeduid, maar dat is minder juist. Een 'staart' zit immers per definitie achter aan een voorwerp, terwijl een flagel zich ook aan de voorzijde van een organisme kan bevinden en het organisme als het ware naar voren trekt.
Flagellata of Zweepdiertjes
bezitten voor aan het lichaam een of meer fiagella of zweepdraden
voor de voortbeweging. ; We onderscheiden hier twee groepen: De Phytoflagellata (euglena-achtigen) en de Zoöflagellata (zweephaardiertjes). De Phytoflagellata, zijn soms autotroof en dragen de groene kleurstof van bladeren, het Chlorofyl (bladgroen). Ze worden daarom tot het plantenrijk gerekend (autotroof zijn organismen die CO2 gebruiken als bron van koolstof voor hun cellen en hun energie halen uit anorganische stoffen en/of door (zon)lichtenergie op te slaan in organische verbindingen. Zij gebruiken deze energie om kooldioxide, ammoniak en sulfaat om te zetten in de voor het leven noodzakelijke stoffen als aminozuren, vetten en suikers) De phytoflagellaten kunnen dus net als planten zelf voedsel produceren. De Zoöflagellata (Zweephaardiertjes) zijn heterotroof zijn en worden daarom tot het dierenrijk gerekend. In tegenstelling tot de Phytoflagellata kunnen de zoöflagellaten niet zelf hun voedsel produceren.
Zoöflagellate Er zijn geen duidelijke grenzen omdat er nog een tussengroep is, die zich autotroof voedt, maar ook reeds gevormd organisch voedsel tot zich neemt. Flagellaten zien er meestal langwerpig, ovaal
of peervormig uit. Een duidelijk kenmerk is het bezit van 'zweepharen' of 'Flagellen' die
met een of meerdere voorkomen. Flagellen zijn zeer dunne betrekkelijk
lange plasmadraden die meestal ver buiten het lichaam uitsteken. Het
zijn organellen die dienen om vooruit te komen en om voedsel op te
nemen. Hun manier van voortplanting is gewoonlijk een deling in tweeën
volgens de lengteas van de cel. Ze leven in zoet- en zoutwater en veel soorten leven ook als
parasieten op dieren en de mens. |
![]() |
![]() |
|
De Flagellaten of Mastigophora staan
aan het begin van het dierenrijk.
Mogelijk zijn uit kolonievormende Zweepdiertjes
de Metazoa (Dieren)
ontstaan. De zaadcellen van alle Metazoa lijken namelijk veel op deze
Zweepdiertjes. Zo'n veelcellige kolonie zal als een bolletje cellen in het
water gezweefd hebben. De buitenste cellen zullen van een trilhaar
voorzien zijn geweest voor de voortbeweging, terwijl de binnenste meer
voor het verteren van voedsel dienden.
Tot de Flagellates behoren de Choanoflagellates Choanoflagellata zijn ééncellige micro-organismen (Eukaryoten) met een staart, die is omringd door microvilli. Zij zijn cilindervormig (choanè is Grieks voor "koker"). De choanoflagellata worden beschouwd als de directe voorouders van de (meercellige) Sponzen. Dit komt door het feit dat deze choanoflaggellata de eerste organismen waren die kolonies vormden. Choanoflagellata - Wikipedia Laatst bijgewerkt: 23-11-06 |