|
753 |
Australopithecus Africanus (ca. 2,5 mjg) |
| Klik hier voor het frame van de pagina |
|
Tussen ± 3,5 en 2,5 miljoen jaar geleden ontwikkelden zich uit de eerste Australopithecinen (waartoe o.a. de Australopithecus Anamensis en Australopithecus Afarensis (Lucy) behoorden) de Australopithecus Africanus. |
|
![]() |
De A. Africanus had meer gemeen met apen dan met zijn mogelijke voorouder: de A. Afarensis (Lucy). Daarom denken sommige paleontologen dat de primitievere Africanus zich niet uit de Afarensis heeft ontwikkeld, maar dat beide soorten eenzelfde gemeenschappelijke voorouder hebben gehad. |
![]() |
Naast de Australopithecus Africanus
leefde de Vroege Homo Habilis,
die zich eerder (ca. 4 miljoen jaar geleden) uit de eerste
Australopithecinen (Anamensis, Afarensis) had ontwikkeld en de Kenyanthropus
platyops, een wat latere afsplitsing van de vroege
Australopithecinen (ca. 3,5 miljoen jaar geleden).
De Australopithecus Africanus of zuidelijke mensaap van Afrika, zo genoemd door Raymond Dart, professor in de anatomie in Johannesburg, had meer gemeen met apen dan met zijn mogelijke voorouder: de Australopithecus Afarensis. Daarom denken sommige paleontologen dat de primitievere Africanus zich niet uit de Afarensis heeft ontwikkeld, maar dat beide soorten eenzelfde gemeenschappelijke voorouder hebben gehad, waarschijnlijk ook dezelfde voorouder van de Homo Hablis. |
|
De Australopithecus Africanus kon weliswaar lopen op twee benen, maar was veel beter dan de eerste Australopithecinen (Australopithecus Anamensis en Australopithecus Afarensis) aangepast aan het leven in de bomen. Dit houdt mogelijk verband met het feit dat in de tijd van de Africanus de grote open vlakten in Oost-Afrika langzaam plaats maakten voor bossen. De Australopithecus Africanus was iets groter dan de huidige chimpansee en had ook iets grotere hersenen. Voor zover bekend gebruikte hij geen werktuigen. Aanvankelijk werd aangenomen dat de Africanus een vegetarische bosbewoner was die zich voedde met vlezige vruchten en bladeren. Maar uit onderzoek is gebleken dat slechts een kwart tot de helft van hun voedsel afkomstig was van savanneplanten en de rest bestond uit dierlijk voedsel. |
![]() |
|
Omdat deze mensachtigen zonder gereedschappen waarschijnlijk
amper in staat waren tot jacht op grotere dieren, leefden aten zij o.a.
het aas van grotere roofdieren. Mogelijk is het eten van energierijk vlees
voorafgegaan aan de groei van de hersenen en het gebruik van stenen werktuigen.
Om dit aas te kunnen bemachtigen, moest de Africanus natuurlijk wel zijn
veilige territorium in de bomen verlaten en zich wagen op de vlakten. Chimpansees
doen zoiets niet. Mogelijk is dus in deze zucht naar beter eten het begin
te vinden van de menselijke flexibiliteit en bereidheid tot verkenning.
De schedel van de Australopithecus Africanus zag er weliswaar aapachtig uit, maar toonde toch duidelijke verschillen
met die van een huidige mensaap.
|
| Vanaf ca. 2,5 miljoen jaar geleden leefde naast de
Australoptithecus Africanus naast een sterk aan hem verwante soort: de Homo Habilis.
Op sommige plaatsen, zoals in de omgeving van het Turkanameer, hebben Aaustralopithecinen lange tijd geleefd naast hun verre verwanten: de Homo Habilis. Zij hadden waarschijnlijk weinig last van elkaar, want zij hadden verschillende voorkeuren wat de woonplaats en de omgeving betreft. De Australopithecinen waren in grote aantallen te vinden langs de oevers van de rivieren. 's Nachts sliepen ze waarschijnlijk in de kruinen van de bomen, waar ze veilig waren voor de roofdieren. De Homo Habilis leefde langs de oever van het meer in primitieve schuilplaatsen van stenen, takken en bladeren. |
![]() |
|
Tussen de Africanus en Homo Habilis bestond duidelijk verwantschap:
beide
soorten liepen op hun onderste ledematen ofschoon de Australopithecinen
wel langere armen hadden. Beide groepen bezaten waarschijnlijk
huidpigmenten als bescherming tegen de tropische zonnestralen en ook waren
ze wellicht nogal behaard. In lichaamslengte
waren er tussen de Habilis en Africanus ook niet zulke grote
verschillen. De grootste leden van beide groepen
waren niet groter dan een jonge teenager van tegenwoordig, waarbij moet
worden aangemerkt dat bij de Australopithecinen nogal wat variatie
in grootte aanwezig was; alleen al tussen de mannen en de vrouwen.
Tot hiertoe echter houden de overeenkomsten tussen beide soorten op. De sterke schedels met de kammen en de kaken van de Australopithecinen vormden een grote tegenstelling met de rondere schedels en het langere en smallere gezicht van de Homo Habilis. De Africanus had goed ontwikkelde armspieren, maar de armen van de Homo Habilis waren heel wat minder slungelig en zijn handen waren sierlijker dan die van de Africanus. Maar het belangrijkste verschil tussen beide mensensoorten was wel dat de Habilis beschikte over een veel sterker ontwikkelde denk- en leervermogen. Laatst bijgewerkt: 12-01-03 |