|
5813 |
Buwayhiden (913 - 1062) |
![]() |
In 913 werd West-Perzië veroverd door de Buwayhiden
(Buyiden), een inheemse sjiitische stammenfederatie oorspronkelijk afkomstig uit het gebied rond de kusten van de Kaspische Zee. Zij
veroverden in 946 de stad Bagdad
waarna de kalief vrijwel geen invloed meer had en maakten de Perzische stad
Shiraz tot hun hoofdstad. De Boewaihiden vernietigden de vroegere territoriale eenheid van de
Islam. In plaats van een provincie van een verenigd moslimimperium werd Perzië één natie in een meer en meer diverse en beschaafde islamitische wereld.
De Dailamieten, een militant bergvolk uit Gilan, dat ook tot de Shi'a was bekeerd, maakten zich in het midden van de 10e eeuw onder leiding van de familie der Boejiden (Buwahiden) meester van West- en Zuid-Perzië., waar zij een aantal lokale staten vestigden. Tenslotte bezette Ahmed ibn Muwaith, de leider van de Boejiden (Buwahiden) de stad Bagdad (946). Hij beval de kalief om de titel "Muizz al Dowla" (Hij die de staat machtig maakt") aan hem over te dragen. Binnen enkele maanden beval Ahmed de kalief te verblinden en gevangen te nemen. Ahmed stemde er wel in toe dat de zoon van de kalief, Mutia zijn vader mocht opvolgen en zijn titel mocht behouden, maar Mutia bezat feitelijk geen macht. Aan zijn hof werkten o.a. Firdausi (°939 +1020) een epicus die het "Koningsboek" schreef en de mathematicus al-Biruni (°973 +1048) die beschrijvingen neerlegde van Indië. |
|
De Boejiden (Buwahiden), die regeerden tot 1055, bekommerden zich weinig om Syrië en de landen die daaraan grensden. De Byzantijnen, bang voor een nieuwe politieke rivaal, veroverden in 964 het eiland Cyrus en verwoestten enkele Syrische steden. De Arabische geschiedschrijver Muqadassi schreef: "..het volk van Syrië leefde onder terreur van de Grieken, die velen uit hun huizen hebben gedreven en de landerijen hebben verwoest."
Adhud was weinig populair vanwege de hoge belastingen die hij invoerde. Toch wist hij wijs met de door hem geïnde belastingen om te gaan. Hij herstelde gezag en orde over Irak en West-Perzië en herbouwde de verwoeste steden van Irak. In 999 ging het rijk der Samaniden ten onder in de strijd met de Ghaznawiden (oorspronkelijk hun onderstadhouders in Ghazna en Kaboel) en de Karachaniden van Kasjgar. Na de dood Adhud raakten zijn zoons onderling slaags. Zij plunderden het land en verwoestten alles wat hun vader had opgebouwd. Tenslotte viel het rijk der Buwahiden (Boejiden) uiteen. De moslimwereld werd opnieuw opgeschud in 1037 met de invasie van de Seldjoeken uit het noordoosten. Zij stichtten een zeer groot imperium in het Midden-Oosten. De middeleeuwse islamitische cultuur bloeide verder op. De beroemdste Perzische schrijver aller tijden, Omar Khayyam, schreef zijn Rubayat met liefdespoëzie ten tijde van de Seldjoeken. Rechts: De minaret van Ghazna,
gebouwd door
|
![]() |
|
laatst bijgewerkt: 12-01-08 |